Hoe zorg je ervoor dat een AI-agent veilig is?
Het korte antwoord: door op elk moment te kunnen zeggen wat elke agent doet, op welk model hij draait, met welke data hij werkt en sinds wanneer. Wie dat niet weet, kan een agent niet veilig noemen, hoe goed de techniek eromheen ook is. Dat overzicht leg je vast in een paspoort per agent, dat je bijhoudt bij elke wijziging en elk kwartaal reviewt. Hieronder hoe dat werkt en waarom het meer is dan administratie.

Veiligheid begint bij overzicht, niet bij techniek
Als iemand vraagt hoe je een AI-agent veilig maakt, gaat het gesprek al snel over techniek: guardrails, toegangsbeheer, monitoring, een omgeving binnen de EU. Dat is allemaal nodig, maar het is niet waar het begint. De grootste onveiligheid in de meeste organisaties is dat niemand precies weet welke agents er draaien, wat ze doen en waaraan ze gekoppeld zijn.
Dat komt doordat het nu om één ding draait: zo veel mogelijk agents, zo snel mogelijk live. Tractie laten zien, momentum houden, bewijzen dat er echt iets met AI gebeurt. Begrijpelijk, want wie wacht, loopt achter. Maar het is alsof je een team aanstuurt door willekeurige mensen van straat te plukken, ze een bureau en een inlog te geven en succes te wensen. Geen functieomschrijving, geen afspraak over wie wat beslist, geen overzicht van wie waar toegang toe heeft. Niemand zou dat veilig noemen. Toch is dat precies hoe veel organisaties op dit moment met hun agents omgaan.
Stap 1: kun je de vier vragen beantwoorden?
De eerste test voor de veiligheid van een agent is of je vier vragen binnen een minuut kunt beantwoorden. Wat doet deze agent precies? Op welk model draait hij? Met welke data werkt hij? En sinds wanneer staat hij live? Het zijn precies de vragen die altijd worden gesteld op het moment dat er iets misgaat: een claim die onterecht is goedgekeurd, een e-mail naar de verkeerde klant, een advies op basis van verouderde data.
Wie die vragen niet direct kan beantwoorden, heeft geen agent in productie, maar een risico in productie. Het antwoord zit dan verspreid over een Slack-kanaal, een notitie van de ontwikkelaar die inmiddels iets anders doet en het geheugen van degene die de koppeling ooit heeft gelegd. Op het moment dat je het antwoord nodig hebt, is het er niet. En dat is per definitie onveilig, los van hoe goed het model zelf is.
Stap 2: geef elke agent een paspoort
De manier om die vragen altijd te kunnen beantwoorden is een agentpaspoort: één kaart per agent die alles op één plek vastlegt. Het begint met een uniek Agent ID, zodat iedereen in het bedrijf het over dezelfde agent heeft, en een status die aangeeft of de agent in ontwikkeling, in test of in productie is. Daarnaast staat erop wanneer de agent is aangemaakt en wanneer hij voor het laatst is bijgewerkt, zodat direct duidelijk is sinds wanneer hij draait en wanneer er voor het laatst iets is veranderd.
Het belangrijkste deel beschrijft waar de agent op gebouwd is, want daar zit het risico. Welk model gebruikt hij, welke versie, en waar wordt dat model gehost, bijvoorbeeld binnen de EU? Wat is zijn taak, in één of twee zinnen die ook iemand van buiten het team begrijpt, en wanneer schakelt hij een mens in? En van welke systemen en databronnen is hij afhankelijk? Juist die laatste vraag bepaalt wat er gebeurt als er ergens iets verandert of misgaat.
Neem als voorbeeld AG-017, onze Warranty Claim Agent. Die is aangemaakt op 12 maart 2026, voor het laatst bijgewerkt op 2 oktober 2026 en staat in productie. Hij draait op een mid-size model, gehost in de EU, versie 2026-09. Zijn taak is het controleren van garantieclaims van dealers tegen het geldende beleid, waarbij hij uitzonderingen doorstuurt naar een mens. Daarvoor leunt hij op drie bronnen: het dealersysteem, de garantievoorwaarden en de onderdelencatalogus. Zes velden op één kaart, en iedereen ziet binnen een minuut wat deze agent doet, op welke basis en sinds wanneer. Verandert de onderdelencatalogus, dan weet je meteen welke agent daar last van heeft.
Stap 3: houd het paspoort levend
Een paspoort dat eenmalig wordt ingevuld en daarna in een map verdwijnt, maakt niets veiliger. Daarom hangen er bij ons drie regels aan. De eerste is simpel: geen paspoort, geen productie. Een agent zonder ingevuld paspoort gaat niet live, hoe overtuigend de demo ook was. Dat voelt streng, maar het is dezelfde drempel die je ook voor een nieuwe medewerker hanteert.
De tweede regel is dat het paspoort wordt bijgewerkt bij elke wijziging van model of data. Wie overstapt op een nieuwe modelversie of een extra databron koppelt, past eerst het paspoort aan. Zo blijft de kaart een weergave van de werkelijkheid en niet van hoe het ooit bedoeld was. De meeste incidenten ontstaan niet bij de lancering, maar bij een wijziging die niemand heeft vastgelegd.
De derde regel is dat alle paspoorten elk kwartaal worden gereviewd, precies zoals je toegangsrechten periodiek controleert. Doet deze agent nog wat erop staat? Is de eigenaar nog in dienst? Is de databron waar hij op leunt inmiddels vervangen? Dat soort vragen hoort in een vast ritme thuis, niet pas op het moment dat er iets misgaat.
Waarom dit veiligheid is en geen administratie
Het is verleidelijk om dit af te doen als governance, een extra laag administratie voor de compliance-afdeling. Maar het paspoort is in de kern een veiligheidsmaatregel, om twee redenen.
De eerste is dat agents steeds vaker naast mensen in het team staan. Ze pakken werk op, geven werk door en nemen beslissingen die een collega vroeger nam. Als je met iemand samenwerkt, wil je weten wat die persoon doet en waar zijn verantwoordelijkheid ophoudt. Voor een agent geldt precies hetzelfde. Een collega die niet weet dat de agent uitzonderingen naar hem doorstuurt, of die denkt dat de agent iets controleert wat hij niet controleert, is een gat in je proces. Het paspoort dicht dat gat, ook voor wie er niet aan heeft gebouwd.
De tweede reden weegt zwaarder. Een mens die een fout maakt, maakt die fout één keer en merkt het meestal zelf. Een agent die verkeerd gekoppeld is, maakt diezelfde fout duizenden keren, op schaal, voordat iemand het doorheeft. Eén verkeerde databron, één verkeerd geconfigureerde toegang, en het effect is niet één foute beslissing maar een hele reeks. Hoe meer agents er draaien en hoe meer ze met elkaar en met systemen verbonden zijn, hoe groter dat domino-effect wordt. Het paspoort maakt zichtbaar waar die koppelingen zitten, zodat je ze kunt controleren voordat ze een probleem worden, en zodat je bij een incident binnen een minuut weet welke agents geraakt zijn.
Het antwoord in één zin
Je zorgt ervoor dat een AI-agent veilig is door hem te behandelen zoals je een nieuwe collega behandelt: met een contract, een rol en toegangsrechten vanaf dag één, vastgelegd op een plek waar iedereen het kan zien. Niemand noemt dat bij een medewerker bureaucratie; het is de basis om iemand verantwoord te laten werken. Er is geen enkele reden om die basis bij agents over te slaan, zeker niet nu ze steeds meer werk doen dat er echt toe doet.
Dus de vraag aan iedereen die agents in productie heeft staan: weet je van elke agent wat hij doet, op welk model hij draait, met welke data hij werkt en sinds wanneer? Als het antwoord nee is, begin dan vandaag met het eerste paspoort. Het kost een uur, en het is het verschil tussen snel bewegen en blind bewegen.

Job van den Berg is AI keynote spreker, tech-ondernemer en auteur van vijf boeken over AI. Hij zet wekelijks zelf agents in productie en geeft 150+ keynotes per jaar over AI-agents en agentic commerce.
Slimme AI-agents hebben een betrouwbaar datafundament nodig. Over identity resolution, Customer 360, data orchestration en governance: van single source of truth naar system of context.
Topbrein, werkpaard of sprinter? Zo kies je per taak het juiste AI-model en combineer je kwaliteit, snelheid en kosten met slimme orchestratie van AI-agents.
AI kan archiefonderzoek versnellen, maar vult ontbrekende feiten ook overtuigend in. Zo combineer je het juiste model, strakke instructies en kritische controle voor betrouwbaar stamboomonderzoek.
De GPU doet het rekenwerk van het model, de CPU houdt de rest van de agent draaiende. Waarom agentic AI de blik op datacenters verandert, en wat dat betekent voor Intel, AMD en organisaties die agents inzetten.
